Interview Laura van Geest, DG Rijksbegroting

Kruimelpad

  1. Homepage 
  2. Actueel 
  3. Interviews 
  4. Interview Laura van Geest, DG Rijksbegroting (maart 2009)

Inhoud pagina: Interview Laura van Geest, DG Rijksbegroting

Laura van GeestOnder de vlag van het programma Vernieuwing Rijksdienst lopen verschillende projecten die bijdragen aan een kleinere en betere rijksoverheid. De een richt zich op beter beleid en de ander op een efficiënte bedrijfsvoering of op het verbeteren van de kwaliteit van de financiële kolom. Benieuwd hoe de financiële functie bijdraagt aan de vernieuwing van de rijksdienst? Een gesprek met Laura van Geest, DG Rijksbegroting van het ministerie van Financiën. ‘Vernieuwing staat nooit stil, er is altijd een onderwerp dat om iets nieuws vraagt.’



Wat is de achtergrond van het project Financiële functie?
‘Bij Financiën hadden wij, voordat het programma Vernieuwing Rijksdienst van start ging al een aantal trajecten om de kwaliteit van de rijksdienst te verbeteren, in gang gezet. Denk aan projecten op het gebied van het verbeteren van de kwaliteit van de verantwoordingsinformatie richting de Kamer alias het experiment rondom de Rijksbegroting. Ook bestonden er reeds ideeën voor een Financial traineeschip en het opzetten van een centrale auditfunctie voor het Rijk. Aangezien de projecten bijdragen aan de vernieuwing van het Rijk zijn die onder de vlag van het programma Vernieuwing Rijksdienst geplaatst en daar passen ze goed onder.’

Met welk doel is het project Financiële functie gestart?
‘Wij willen de kwaliteit van wat we leveren verbeteren en de regelgeving en uitvoeringslasten binnen de financiële kolom verminderen. Dit levert veel winst op voor zowel het uitvoeringsapparaat als de samenleving. Het kan altijd beter, ook binnen de financiële kolom.’

Hoe wordt die winst precies behaald?
‘De projecten die we zijn gestart leveren een belangrijke bijdrage aan de vernieuwing van het Rijk, maar ook aan de effectiviteit en professionaliteit. Een project als het ontwikkelen van een rijksbreed subsidiekader dat voorziet in de vereenvoudiging van de verantwoordingslasten, levert zowel voordelen op voor subsidieverstrekkers als ontvangers. We willen nu zelfs gaan kijken of we dit ook op het niveau van medeoverheden kunnen regelen. Binnenkort leggen we een conceptvoorstel aan de ministerraad voor. Een ander project houdt een experiment in, ter verbetering van het begrotingsproces. Dit experiment is vooral gericht op het vergroten van de transparantie richting de Kamer; waar besteed je je geld aan? Bovendien is er meer aandacht voor de onderbouwing van de ramingen, de instrumenten en de historische ontwikkelingen van de uitgaven en prestaties. Wanneer het experiment positief wordt afgerond, zal het rijksbreed worden ingevoerd. Van departementen die meedoen aan het experiment weten we dat ze in ieder geval minder tijd kwijt zijn aan het opstellen van hun begroting.’

Is er ook winst te behalen voor burgers?
‘Van bepaalde acties zullen burgers direct resultaat zien. Zo proberen we in het begrotingsexperiment de begroting aantrekkelijk en eenvoudiger te maken. Hier zullen zowel de Kamer als de burger beiden wat van merken. We schrijven de begroting immers opdat de burger kan meepraten over het beleid van het kabinet. Een uniform subsidiekader levert ook voordelen voor de burger op. Naast het verminderen van de uitvoeringslasten voor subsidieverstrekkers, nemen ook de administratieve lasten voor burgers af. Een deel van onze inspanningen is intern gericht en daar zullen de burgers minder direct iets van merken. Bijvoorbeeld het project comptabele regelgeving, waarmee we proberen de regelgeving te vereenvoudigen of het opzetten van een Rijksauditdienst voor het optimaliseren van de auditfunctie binnen het Rijk. Daarnaast is er ook het project Auteursomgeving dat gebruik maakt van de ICT-ondersteuning om het begrotingsproces efficiënter en minder foutgevoelig te maken.’

Hoe wordt binnen het project Financiële functie een bijdrage geleverd aan het aspect ‘kleiner’?
‘De taakstelling slaat ook op financiële kolom en we krijgen de taakstelling alleen voor elkaar als we ook daadwerkelijk anders gaan werken. Daarvoor moeten we het subsidiekader anders gaan vormgeven, regels rond de financiële administratie vereenvoudigen en de samenwerking tussen directies Financieel Economische Zaken en auditdiensten bevorderen. Dit zijn allemaal manieren om de reductie te absorberen. Door de afslanking mag de kwaliteit van ons werk niet onder druk komen te staan; we moeten de kwaliteit behouden, maar dan met minder mensen.’

Hoe ziet het vervolg van het project eruit; stopt het na 2011?
‘Bij ons zijn alle projecten belegd in de reguliere organisatie. Het betekent niet dat we in 2011 stoppen met vernieuwen. Verandering is een continu proces. Er zijn altijd trajecten die om iets nieuws vragen. We zijn nu bijvoorbeeld aan het kijken naar de kwaliteit van de financiële administratie. Bovendien gaan we bij de evaluatie van het experiment met de tolerantiegrenzen bekijken hoe de controlelasten verder kunnen worden teruggebracht. In de financiële kolom stopt vernieuwing nooit, want stilstand is achteruitgang.’ 


Kijk voor meer informatie op:

(Rijksweb)